[driebladige citroen; winterharde citroen - Japanese bitter orange (EN)]
Een bijzondere citrusverwant die uitstekend bestand is tegen koudere winters. De sterk vertakte, stekelige struik verliest in de winter zijn bladeren en kan temperaturen tot ongeveer -20°C verdragen, wat hem tot één van de meest winterharde citrusachtigen ter wereld maakt.
In het voorjaar verschijnen talrijke geurige witte bloemen die later ontwikkelen tot kleine, ronde vruchten die van groen naar geel verkleuren. De kleine citroenen vallen op door hun dikke, licht behaarde schil en de vele pitten.
Het sap is zeer zuur en heeft een karakteristieke harsachtige of licht geparfumeerde bijsmaak. Daardoor worden de vruchten zelden als handfruit gegeten, maar zowel het sap als de aromatische schil zijn uitstekend bruikbaar in de keuken als vervanger van citroen. De schil wordt vaak verwerkt in confituren, gelei en likeuren, terwijl het sap gebruikt kan worden in sauzen, desserts en allerlei andere bereidingen.
Naast zijn culinaire waarde speelt de wilde citroen een belangrijke rol in de fruitteelt. De soort wordt wereldwijd gebruikt als onderstam voor andere citroen- en sinaasappelbomen. Dankzij zijn sterke wortelgestel en uitstekende winterhardheid zorgt hij voor gezonde, robuuste planten en heeft hij bovendien aan de basis gestaan van verschillende winterharde citrushybriden.
Door de opvallende doorns, fraaie bloei, decoratieve vruchten en uitzonderlijke winterhardheid is deze soort niet alleen interessant voor liefhebbers van bijzondere fruigewassen, maar ook een aantrekkelijke sierplant voor de tuin.
Planten in pot (P9) zijn het ganse jaar leverbaar.