[melon (EN)]
Een éénjarige klimplant uit de komkommerfamilie (Cucurbitaceae), waartoe ook komkommer, courgette en pompoen behoren. Meloenen worden al duizenden jaren geteeld en waren reeds bekend in het oude Egypte. De planten vormen lange, buigzame ranken met hechtranken waarmee ze zich kunnen vastgrijpen aan steunmateriaal. Hierdoor kunnen ze zowel kruipend over de grond als verticaal langs een rek of draad worden geteeld.
Meloenen houden van warmte, zon en een beschutte standplaats. In ons klimaat worden ze vaak onder glas of in een tunnel geteeld, al zijn er ook rassen die in een warme, drogere zomer buiten een goede oogst kunnen geven. De planten groeien het best in een voedzame en goed water doorlatende bodem. Meloenen houden niet van een vochtig milieu, zorg er dus steeds voor dat de planten mooi kunnen drogen na de regen. In natte zomers is de teelt in serres of onder een afdak aan te raden.
Tijdens de zomer verschijnen afzonderlijke mannelijke en vrouwelijke bloemen aan dezelfde plant. De mannelijke bloemen staan meestal in kleine groepjes bijeen, terwijl de vrouwelijke bloemen afzonderlijk verschijnen en herkenbaar zijn aan het kleine, eivormige vruchtbeginsel onder de bloem. Bestuiving gebeurt voornamelijk door bijen en andere insecten.
Om de vruchtzetting te bevorderen en het gewas luchtig te houden, wouden meloenen doorgaans gesnoeid. De zijscheuten worden daarbij teruggenomen tot twee bladeren. Deze snoei zorgt ervoor dat de energie van de plant naar de vruchten gaat en verbetert bovendien de verlichting van het gewas. Dit is belangrijk omdat meloenen gevoelig kunnen zijn voor schimmels, vooral bij een dichte begroeiing of een hoge luchtvochtigheid.
De vruchten variëren sterk in vorm, grootte, kleur en aroma, afhankelijk van het ras. Rijpe meloenen onderscheiden zich door hun zoete, sappige vruchtvlees en hun kenmerkende geur. Ze worden vooral vers gegeten, maar zijn ook heerlijk in fruitsalades, desserts en zomerse gerechten.
Planten in pot (P7) zijn leverbaar in mei en juni.
Varianten
Meloen 'Noir des Carmes'
Zeer oud Frans ras (ca. 1750), dat in het verleden veel in Vlaanderen geteeld werd. Produceert donkergroene vruchten, die bij rijping geelbeige kleuren. De middelgrote vruchten hebben lichtoranje vruchtvlees, rijpen vroeg en geven een goede opbrengst. Deze echte cantaloupemeloen is de enige meloenvariant die hier buiten goed gedijt.
Meloen 'Snow Leopard'
Witte wintermeloen met groene vlekken. Moderne variëteit met hoge opbrengst. Zoet, wit vruchtvlees. Enkel geschikt voor serreteelt. Vruchten kunnen makkelijk enkele maanden bewaard worden.