Cichorium intybus - WILDE CICHOREI
[groenlof, suikerbrood, bittere pee, molsla – common chicory (EN)]
De wilde cichorei is de voorouder van onder andere het witlof, het roodlof en het groenlof. Deze cultivars zijn geselecteerd op kleur, smaak en opbrengst van het blad. Net als deze groenten maakt de wilde cichorei ook een penwortel. Deze penwortel werd in tijden van oorlog geoogst om te roosteren. Van deze geroosterde wortel werd dan soort koffie gemaakt of werd toegevoegd aan koffie als smaakmaker.
Crithmum maritimum - ZEEVENKEL
[zeekervel – rock samphire (EN)]
Een rond de 17de eeuw zeer gekende groente. In Londen werd het als delicatesse bij vlees geserveerd aan de adel. Deze dure smaakmaker was ooit zo populair dat mensen hun leven riskeerden om het te verzamelen. Kinderen moesten, met een touw vastgebonden aan hun enkels, bengelend over een Doverse klif, naar zeevenkel zoeken.
Foeniculum vulgare - VENKEL
[zachte dille; roomse venkel – fennel (EN)]
De venkel werd al in de oudheid erg gewaardeerd als groente. Onder meer de Romeinen aten venkelscheuten bij de vis. Romeinse gladiatoren gebruikten venkel als versterkend middel en de succesvolle gladiatoren werden gekroond met venkelloof, vandaar het gezegde ‘je verdient alle lof’.
Mertensia maritima - OESTERBLAD
[oysterleaf (EN)]
Dit familielid van het komkommerkruid is in de zoektocht naar eetbare planten boven komen drijven, hoewel de Schotten, de IJslanders en de Groenlanders deze plant al eeuwen langs de kusten vinden en eten.